Albert - aanpassing van tuigage
Aanpassing van de tuigage in seizoen 2021/2022
voor:
na:
De tuigage van een zeilschip blijft niet altijd gelijk. Soms moeten zeilen vervangen worden vanwege slijtage, soms vul je de zeilgarderobe aan met een extra zeil als stormfok of spinaker. In de overwegingen heb ik eerder al beschreven waarom we eind 2021 besloten om voortaan zonder topzeil, en dus ook zonder topmast verder te gaan.

In september 2021 ging Albert voor twee weken op de kant om weer eens het onderwaterschip te kunnen inspecteren en om de romp rondom in een nieuwe laag verf te zetten nadat onze boot drie seizoenen in het water gelegen had. Na deze schilderbeurt ging Albert opnieuw te water en bleef de mast voor het winterseizoen op de wal om aangepast te worden aan de nieuwe situatie. Dat wil zeggen, niet langer met topmast, maar wel een 1,5 m langere ondermast.
Hieronder een rapportage van de werkzaamheden om de mast met 1,5 m te verlengen. Dat ging uiteraard in stapjes.
ontwerpen en bestellen van het nieuwe mastbeslag
Het nieuwe mastbeslag bestaat uit drie delen.
- het onderste beslag; dit is een ring waaraan de klauwval, de fok, het voorstag en de onderwanten bevestigd worden.
- de middelste ring; hieraan worden de kraanlijnen (met lazy jacks) en de laagste bevestigingen van piekeval en kluiverval vastgemaakt.
- het masttop beslag; dit is een ring met deksel op de top van de mast. Hieraan zitten de bovenste bevestigingen van de piekeval en de kluiverval, maar ook het kluiverstag en de topwanten. Bovendien worden hieraan de bakstagen vastgemaakt en is er ruimte voor een vlaggenlijn en een reserve hijs. Boven op de deksel worden dan nog bouten gezet om een marifoonantenne, een 3-kleur toplicht en ankerlicht en een windmeter te plaatsen.
constructie van de verlenging
De ondermast is hol. Deze is samengesteld uit 8 delen volgens de vogelbekmethode. Voor de verlenging hebben we 8 oregon pine balken gekocht. Om de lengte van de las waarmee de verlenging op de oorspronkelijke mast gezet wordt te beperken wordt de verlenging in twee helften gemaakt. In plaats van één schuine las van 2 m lengte kan nu volstaan worden met twee halve lassen van 1 m. Voor de sterkte van de lijmverbinding wordt vaak aanbevolen om een schuine las met een helling 1:10 te gebruiken. Bij een mastdiameter van 20 cm betekent dit dus een las met een totale lengte van 2 m. Vanwege de nogal forse afmetingen van de beschikbare balken en om het aanbrengen van de schuine las te vereenvoudigen is voor de verlenging een alternatief voor de vogelbekmethode gekozen. Hierbij is telkens van drie balken een half rond verlengdeel gemaakt. Latten die bij het afschuinen van de balken over bleven zijn weer gebruikt om de verbinding tussen de verschillende delen te versterken.
verlijmen van de verlenging aan de bestaande mast
Eerst wordt eerst een punt aan de bestaande ondermast gezaagd zodat hier ook een dubbele schuine las ontstaat waar de las van de verlenging op past. Met behulp van een mal en een geleider wordt de bovenfrees gebruikt om deze punt perfect glad te maken, en precies dezelfde helling te geven (1:10) als de schuine las in de verlenging. Na het nodige paswerk wordt de ondermast en de twee helften van de verlenging met epoxy lijm aan elkaar verlijmd. Het kale hout is daarvoor eerst ingesmeerd met bijna vloeibare epoxy. Daarna is er nog een laag epoxy die aangemaakt is met schuurstof tot de dikte van cakebeslag op de lijmnaad aangebracht. Deze lobbige epoxylaag vult eventuele oneffenheden in de lijmverbinding op.
De twee delen van de verlenging worden tegen elkaar geklemd en daarna op de punt van de bestaande ondermast geschoven. Met een hulpconstructie van houten balken en lijmklemmen wordt er voor gezorgd dat de verschillende onderdelen tijdens het uitharden van de lijm niet ten opzichte van elkaar verschuiven.
rond- en op dikte maken van de mast verlenging
Na het lijmen is de verlenging nog 8-kantig en heeft dezelfde diameter als de ondermast. Het is de bedoeling dat de mast boven de zaling verjongd wordt en dat het beslag dat over de mast geschoven wordt dan steunt op een houten rand van ca. 1 cm. Daarvoor wordt de verlenging tot de onderkant van het onderste beslag met 10 mm ingefreesd en tot de onderkant van de middelste beslag ring met 20 mm. Daarna wordt door schaven en schuren de mast rond gemaakt waarbij de gefreesde sleuven als diepte instelling functioneren.
afwerking en monteren van het beslag
Als versterking van de verbinding van de ondermast en de verlenging, en als bescherming van het hout wordt er een laag glasweefsel met epoxy over de mast aangebracht. Eerst wordt het hout met een roller in de epoxy gezet. Wanneer deze epoxy begint uit te harden en ‘plakkerig’ aanvoelt, dan wordt er een band glasweefsel ingerold. Daarna wordt de glasweefsel laag helemaal verzadigd met meerdere lagen epoxy. Hier overheen wordt het mastbeslag geschoven en waar nodig vastgezet met dik aangemaakte epoxy. En dan is het tijd om het geheel glad te schuren en af te werken met twee lagen epoxy pantsercoat en twee lagen 2-componenten verf.
mast zetten en tuigen
Tot slot wordt de zaling gemonteerd, samen met alle lampen, antennes, blokken en vallen. Ook wordt de verstaging in de mast gehangen. Voor de verstaging hebben we gekozen voor 10 mm RVS draad 7×7. De 7×7 draad is soepeler dan de 1×19 draad en sterker dan de 7×19 draad die nog weer soepeler is. Naar ons idee is de 1×19 draad weliswaar de sterkste variant, maar te stijf om goed mee te werken en om de hoek langs de zaling te maken. Het oorspronkelijke idee was om een tuiger te vragen om de verstaging aan de mast te bevestigen en als de mast eenmaal stond de verstaging dan op lengte te maken en met walsterminals aan de wantspanners te bevestigen. Alle tuigers die wij benaderden hadden het echter te druk en waren pas in het najaar van 2022 in staat om het werk ter plaatse uit te voeren. Daarom hebben we de verschillende staaldraden met enige overlengte besteld bij de lijnenspecialist die er tegelijkertijd aan één kant terminals op kon zetten. Na het zetten van de mast hebben we de verstaging zelf op maat gemaakt door het teveel aan lengte met een haakse slijper er af te zagen. Daarna hebben we op deze uiteinden aan de onderkant ‘doe-het-zelf’ terminals van STA-LOK gemonteerd en deze met siliconenkit waterdicht afgewerkt zodat er geen (regen)water in de terminal kan blijven staan. Het monteren van de terminals met de 7×7 draad valt niet echt mee. De YouTube instructiefilmpjes waren allemaal gebaseerd op 1×19 draad. Maar met het volgen van de handleiding en wat moeite is het toch binnen halve dag gelukt voor één voorstag, twee topwanten en vier onderwanten. Daarna was het een kwestie van de hele warboel van vallen, vlaggelijnen, bakstagen en kraanlijnen uitzoeken en de zeilen aanslaan. Gosine moest driemaal in de bootsmansstoel naar boven omdat er lijnen achter elkaar langs liepen die niet vanaf dek te ontwarren waren.



































